Tijd en kalender: Nederlands oefenen
Oefen Nederlands voor je inburgering over het onderwerp Tijd en kalender, op A1. Hier vind je de lessen, woorden die erbij horen en voorbeeldvragen uit de vragenbank.
Dit onderwerp hoort bij Dingen regelen. Alle onderwerpen
Lessen
Er is 1 korte les over dit onderwerp. Een les heeft 8 vragen en duurt ongeveer 8 minuten.
Woorden bij dit onderwerp
Deze Nederlandse woorden kom je vaak tegen bij dit onderwerp.
- tijd
- klok
- uur
- dag
- week
- maand
- datum
- agenda
- getal
Voorbeeldvragen
Een paar vragen uit de vragenbank van DutchKlaar. Denk eerst zelf na, en open dan het antwoord.
Vraag 1 · Niveau A2
Maak een gewone zin, geen vraag.
Zet de woorden in de goede volgorde.
Bekijk het antwoord
Antwoord: De glazenwasser komt maandag
Uitleg: De glazenwasser komt maandag. Ook goed: Maandag komt de glazenwasser.